Hoe reis je? Alles over het woord vervoer
Vervoer is het verplaatsen van mensen of goederen van de ene plaats naar de andere. Het woord dekt zowel de reis zelf als het vervoermiddel.
Vervoer is een van die woorden die alles en niets zeggen. Wie over vervoer praat, bedoelt zowel het vervoeren zelf als de manier waarop je ergens komt. Zonder vervoer staat de economie stil, en zonder eigen vervoer kom je soms niet op je werk.
- Het verplaatsen van mensen of spullen. *Het vervoer van gevaarlijke stoffen is streng geregeld.*
- De manier van reizen. *Mijn vervoer is de fiets.*
- De sector. *Hij werkt in het vervoer.*
Vormen en samenstellingen
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | het vervoer | Het vervoer ligt stil. |
| Meervoud | (geen) | Je zegt vervoersmiddelen of vervoerswijzen. |
| Werkwoord | vervoeren | Ze vervoeren hout. (vervoerde, vervoerd) |
| Samenstelling | openbaar vervoer | Het openbaar vervoer was gratis. |
| Afleiding | vervoerder | De vervoerder is aansprakelijk. |
Voorbeeldzinnen
- Voor het vervoer van de piano huurden we een verhuisbus.Neutraal; vervoer van iets.
- Is er openbaar vervoer naar het strand?Alledaags; in Nederland vaak afgekort tot OV.
- Het vervoer gaat per bus en per spoor.Gebruik het woord als overkoepelende term.
Vervoer en transport
- Vervoer is het gewone Nederlandse woord voor personen en goederen.
- Transport hoor je vooral over goederen en in de zakelijke wereld: *transportbedrijf*, *transportkosten*.
- In België is *vervoer* net zo gangbaar, met bij het openbaar vervoer namen als De Lijn en de NMBS.
- Het woord komt van ver- en voeren, in de zin van wegvoeren. Een *voertuig* is letterlijk iets waarmee je voert.
Is een fiets vervoer?
Ja, een fiets is een vervoermiddel. Je zegt ook: ik ga met de fiets, dus dat is mijn vervoer.
Heeft vervoer een meervoud?
Nauwelijks. Je gebruikt vervoersmiddelen of vervoerswijzen voor meer dan één soort. Over de trein praat je als over een vorm van vervoer.