EƩn woord, twee uitgangen: deur en woordeinde

Een uitgang is de plek waar je een ruimte verlaat, of in de taalkunde het einde van een woord dat verbuiging toont.

De uitgang is de plek om te vertrekken. Daarnaast is het in de taalkunde het gedeelte aan het einde van een woord dat verbuiging toont, zoals -en in ā€˜mensen’. Zo kent het Nederlands een gewone en een grammaticale uitgang, en dat verklaart waarom woordenboeken meerdere betekenissen geven. Wie in een ingewikkelde situatie zit, zoekt soms een ā€˜uitgang’ in figuurlijke zin.

Vormen

KenmerkVormVoorbeeld
Lidwoordde uitgangDe uitgang is rechts.
MeervouduitgangenEr zijn twee uitgangen.
TegenstellingingangIngang aan de voorzijde.
SamenstellingnooduitgangNooduitgang vrijhouden.
SamenstellinguitgangspuntZijn uitgangspunt is eerlijkheid.

Zo gebruik je het in een zin

Uitgang, ingang en uitgangspunt

Het tegenovergestelde van uitgang is de ingang, terwijl toegang vooral het recht aanduidt om binnen te komen. Een uitgangspunt is geen plek, maar een beginpunt van een redenering: wie ā€˜uitgaat van’ een idee, gebruikt dat als basis.

Is uitgang hetzelfde als uitgaan?

Nee. Uitgang is een zelfstandig naamwoord, uitgaan een werkwoord met een eigen betekenis, zoals ā€˜een avondje uitgaan’ of ā€˜uitgaan van’.

Wat is een uitgangspunt?

Een principe of startpunt waarop je een redenering of plan baseert.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 7 letters