Rijkdom: veel bezit en overvloed in iets anders
Rijkdom is het bezit van veel geld of goederen. Figuurlijk is het ook overvloed aan iets waardevols, zoals ervaring of natuur.
Rijkdom is de toestand van wie veel heeft, of de hoeveelheid die iemand bezit. Het achtervoegsel -dom maakt van het bijvoeglijk naamwoord rijk een zelfstandig naamwoord dat een toestand aanduidt. Het woord bestaat al eeuwen en is nauw verwant met het Duitse *Reichtum*.
- Groot bezit, vermogen. *Zijn rijkdom stamt uit de handel.*
- Overvloed. *De rijkdom aan vogels is groot.*
- Kostbaar bezit. *Haar grootste rijkdom is haar familie.*
- Weelde. *De rijkdom van het interieur viel op.*
Vormen en samenstellingen
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Lidwoord | de rijkdom | Vrouwelijk. |
| Meervoud | rijkdommen | Ook: schatten. |
| Grondwoord | rijk | Bijvoeglijk naamwoord. |
| Samenstelling | natuurrijkdom | Overvloed in de natuur. |
| Verwant | verrijken | Rijker maken. |
Voorbeeldzinnen
- Zij is niet gelukkig geworden van haar rijkdom.Neutraal, morele toon.
- De rijkdommen van de aarde zijn niet onuitputtelijk.Meervoud: bodemschatten.
- De rijkdom aan soorten in het regenwoud is enorm.Overvloed aan iets, in de natuur of kunst.
Het achtervoegsel -dom
Ook andere woorden eindigen op -dom: eigendom, christendom, ouderdom en rijkdom. Het achtervoegsel geeft een toestand of geheel aan. Het meervoud verschilt per woord: rijkdommen, eigendommen, maar nauwelijks ‘ouderdommen’. Het tegenovergestelde van rijkdom is armoede, terwijl welvaart het geheel aan welzijn en bezit in een land bedoelt. Een salaris levert inkomen op, maar rijkdom is het bezit dat je daarmee opbouwt.
Is rijkdom hetzelfde als welvaart?
Niet helemaal. Rijkdom gaat om bezit, welvaart om het algehele levenspeil van een groep of land.
Heeft rijkdom een meervoud?
Ja: rijkdommen, vooral voor schatten of natuurlijke bronnen.