Pronken met andermans veren: het werkwoord pronken
Pronken is zich mooi, rijk of indrukwekkend tonen, vaak om bewondering te krijgen. Het wordt meestal gebruikt met het voorzetsel met.
Wie pronkt, laat bewust zien wat hij heeft of kan. Pronken is opscheppen met een zichtbare trots: kleren, kennis of een nieuwe auto. Het werkwoord gaat vrijwel altijd samen met het voorzetsel *met*, en het heeft een lichtelijk afkeurende toon.
- Zich vertonen met iets moois. *De pauw pronkt met zijn staart.*
- Opvallend aanwezig zijn. *Op de gevel pronkte een gouden wapenschild.*
- Opscheppen. *Hij pronkt graag met zijn kennis.*
Vervoeging
| Vorm | Woord | Opmerking |
|---|---|---|
| Infinitief | pronken | Hij blijft pronken. |
| Tegenwoordige tijd | hij pronkt | Stam pronk + t. |
| Verleden tijd | hij pronkte | ’t kofschip: stam eindigt op k → -te. |
| Voltooid deelwoord | gepronkt | Hulpwerkwoord hebben. |
| Verwant | pronk | Pracht, schittering. |
Voorbeeldzinnen
- De bruid pronkte met de erfstukken van haar oma.Verhalend, licht ironisch.
- Hij heeft gepronkt met zijn vakantiefoto’s.Hulpwerkwoord hebben.
- Op het buffet pronkte een enorme taart.Plechtig of beeldend.
Pronken met andermans veren
- Pronken met andermans veren — de eer opeisen voor andermans werk. Het beeld komt uit de fabel van de kauw die zich met pauwenveren versierde.
- Pronkstuk — het mooiste of meest waardevolle object in een verzameling.
- Pronkboon — een klimplant met felrode bloemen die bij ons zowel decoratief als eetbaar is.
- Pronkzucht — de neiging om zich te laten bewonderen.
Is pronken hetzelfde als opscheppen?
Bijna. Pronken benadrukt het tonen van iets zichtbaars, opscheppen het praten erover. Met rijkdom pronken is dus iets anders dan erover vertellen.
Wat betekent ‘pronken met’?
Iets tonen om indruk te maken, zoals een nieuwe jas of een diploma. De uitdrukking is vaak licht afkeurend bedoeld.