Monster: een griezel én een staal
Een monster is een angstaanjagend wezen, en daarnaast een kleine hoeveelheid van iets die als proef of voorbeeld dient.
Het monster heeft twee levens. In sprookjes is het een griezelig wezen, in het laboratorium een klein stukje om te onderzoeken. Beide betekenissen komen uit dezelfde Latijnse woordfamilie, maar je gebruikt ze nu als twee losse woorden. Het bijzondere is dat context de betekenis eenvoudig duidelijk maakt.
- Griezelig wezen. *Het monster woonde onder het bed.*
- Proef of staal. *Er werd een monster van het water genomen.*
- Wreed persoon. *Hij is een monster.*
Vormen
| Kenmerk | Vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | het | het monster |
| Meervoud | monsters | twee monsters |
| Verkleinwoord | monstertje | een monstertje |
| Werkwoord | monsteren | ik monster, monsterde, gemonsterd |
| Samenstelling | bloedmonster | een bloedmonster |
Voorbeeldzinnen
- De arts nam een monster af.Medisch.
- De kleuter verkleedde zich als monster.Speels, vooral voor kinderen.
- Hij monsterde aan op een vrachtschip.Het werkwoord: laten aanmonsteren op een schip.
Twee woorden, één vorm
Het Latijn kent *monstrum*, een wonderteken of afwijking, en *monstrare*, tonen. Het Nederlandse monster als proef is dat laatste: iets dat je aan een koper laat zien. Een staal of kleurstaal heeft dezelfde betekenis. Bij de scheepvaart hoort ook *monsteren*: een zeeman laat zich inschrijven, een bemanningslid *aanmonsteren*, en de bemanning heet in oude teksten *monsterrol*. Zo zie je hoe één vorm meer dan één geschiedenis kan hebben.
Is monster mannelijk of onzijdig?
Het is altijd onzijdig: het monster.
Wat betekent monsteren?
Keurend bekijken, of een schip aan boord gaan.
Is het monster in een laboratorium ook een griezel?
Nee, daar betekent het gewoon een proefstukje, bijvoorbeeld van bloed of water.