Meet: de finishlijn én een vorm van meten
Meet is een vorm van het werkwoord meten (hij meet). Als zelfstandig naamwoord is de meet de finishlijn, vooral in de wielersport.
Meet kan op twee manieren in een zin staan. Als werkwoordsvorm bepaalt het afmetingen, als zelfstandig naamwoord is het de lijn waar een koers begint of eindigt. In Vlaanderen hoor je 'aan de meet' vooral in het wielrennen.
- Vorm van meten. *Ik meet de kamer op.*
- Imperatief. *Meet eerst even de lengte!*
- Finishlijn (sport). *De renner komt als eerste over de meet.*
Vormen
| Vorm | Schrijfwijze | Opmerking |
|---|---|---|
| Infinitief | meten | Onregelmatig werkwoord. |
| Tegenwoordige tijd | ik meet, jij meet, hij meet | Bij inversie: meet jij? |
| Verleden tijd | mat, maten | Sterk werkwoord. |
| Voltooid deelwoord | gemeten | Hulpwerkwoord: hebben. |
| Samenstelling | meetlat, meetlint | Gereedschap. |
Meet in zinnen
- Ik meet het hout twee keer voor ik zaag.Een klassieke timmermansregel: meten is weten.
- Hij sprint als eerste over de meet.Sport: finishlijn.
- Meet jij of ik de kamer op?Let op: bij inversie valt de -t weg in 'meet jij'.
Meten met twee maten
De uitdrukking 'met twee maten meten' betekent dat je dezelfde situatie niet gelijk beoordeelt. Dat is erg onprettig, want je wilt dat de maat voor iedereen dezelfde is. Ook 'meet and greet' is bekend, een Engelse term met een andere betekenis (elkaar ontmoeten). Het werkwoord meten lijkt op eten: ik eet, ik at, ik heb gegeten, en ik meet, ik mat, ik heb gemeten. Een meter is een standaardlengte, en met een lint kun je hem uitrollen.
Is meet de of het?
'De meet' is het zelfstandig naamwoord voor de finishlijn; als werkwoordsvorm heeft het geen lidwoord.
Wat is het verleden tijd van meten?
Ik mat, wij maten. Het voltooid deelwoord is gemeten.
Is meet hetzelfde als maat?
Nee, maat is een zelfstandig naamwoord; meet hoort bij het werkwoord meten.