Kant: een rand, een zijde en een weefsel
Kant heeft meerdere betekenissen: een zijde of rand van iets, een richting, en een fijn doorbroken weefsel van draad.
Kant is een veelzijdig woord. In de betekenis 'zijde' is het *de kant*, maar het fijne weefsel heet *het kant*: één klank, twee geslachten. Je kunt aan de kant van de weg staan en je trouwjurk van kant dragen.
- Zijde of rand. *Aan de linkerkant van de weg.*
- Richting. *Welke kant moet ik op?*
- Weefsel (het kant). *Een kanten kraagje.*
- Aspect. *Alles heeft twee kanten.*
Vormen van kant
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Zijde | de kant | De kanten van het blad. |
| Meervoud | kanten | Alle kanten uit. |
| Weefsel | het kant | Brugs kant. |
| Verkleinwoord | kantje | Een kantje schrijven. |
| Samenstelling | kantlijn, kantwerk | In de kantlijn. |
Kant en klaar, kantwerk en Brugge
- Hij zette de fiets aan de kant.Neutraal; 'aan de kant zetten' betekent ook wegleggen.
- Dit pak is kant en klaar.Vaste uitdrukking: direct bruikbaar.
- Ze droeg een jurk met een kanten kraagje.Het weefsel wordt als bijvoeglijk naamwoord gebruikt.
Meer over kant
De uitdrukking kant en klaar betekent dat iets meteen gebruikt kan worden. Kantwerk is een traditioneel handwerk, bekend uit Brugge en het hele Vlaamse land. Een kantlijn is de rand van een blad. Een rand en een zijkant zijn verwante begrippen: allebei geven ze het uiteinde of de zijde van iets aan. In Vlaanderen is het gebruik hetzelfde.
Is het 'de kant' of 'het kant'?
Allebei. 'De kant' is zijde of richting, 'het kant' is het fijne weefsel.
Wat betekent 'aan de kant gaan'?
Plaatsmaken, uit de weg gaan; informeel: 'ga eens aan de kant'.