Beek: een klein stromend water, kleiner dan een rivier
Een beek is een smal, natuurlijk stromend water dat kleiner is dan een rivier. Het woord zit ook in veel plaatsnamen, zoals Molenbeek en Beek.
Een beek is een smal water dat uit zichzelf stroomt, meestal met een zacht gekabbel en een helder wateroppervlak. Een beek begint vaak bij een bron en groeit onderweg uit tot een rivier, als er genoeg zijtakken bijkomen. In Nederland vind je ze vooral in Brabant, Limburg en op de Veluwe, in Vlaanderen in de Kempen en het Pajottenland.
- Klein stromend water. *De beek slingert door het weiland.*
- Plaatsnaam of deel van een plaatsnaam. *Molenbeek, Beek bij Maastricht, Zonnebeke.*
- Figuurlijk, een gestage stroom. *Een beekje van tranen liep over haar wangen.*
Vormen van het woord
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Lidwoord | de beek | De beek is droog. |
| Meervoud | de beken | Twee beken komen samen. |
| Verkleinwoord | het beekje | Een beekje achter het huis. |
| Samenstelling | beekbodem | Stenen op de beekbodem. |
| Samenstelling | beekdal | Het beekdal is beschermd gebied. |
Zo gebruik je het in een zin
- Langs de beek staan knotwilgen.Neutraal en beschrijvend, past in elk register.
- We zijn met de kinderen een beekje gaan afdammen.Het verkleinwoord klinkt vertrouwd en kleinschalig.
- Het beekdal wordt weer meanderend gemaakt.Typisch taalgebruik in natuurbeheer en waterschapsnieuws.
Herkomst en verwante woorden
Het woord komt uit het Middelnederlands *beke* en is verwant met het Duitse *Bach* en het noord-Engelse *beck*. Veel plaatsnamen verraden een beek: wie ‘-beek’, ‘-beke’ of ‘-bach’ ziet, staat meestal dichtbij stromend water. In de Nederlandse waterbeheerpraktijk is de grens tussen beek en rivier niet scherp. Een beek is in de regel te smal om bevaren te worden en heeft een wisselende waterstand.
Wat is het verschil tussen een beek en een rivier?
Een rivier is breder, voert meer water af en is vaak bevaarbaar. Een beek is kleiner en ondieper; een officiële grens is er niet.
Wat is het meervoud van beek?
Het meervoud is *beken*. In het enkelvoud schrijf je *ee*, maar in *be-ken* staat de klinker in een open lettergreep en krijgt dus één *e*.