Enkel: drie woorden in één, van voetgewricht tot ‘alleen’

Enkel betekent ‘één’ of ‘slechts’, en is ook het gewricht tussen voet en onderbeen. Eén klank dus, met twee werelden aan betekenissen.

Het woord enkel is een kameleon. Als zelfstandig naamwoord is het het gewricht bij de voet, als bijvoeglijk naamwoord betekent het ‘één’, en als bijwoord ‘alleen’ – en het Duitse woord *Enkel* betekent iets heel anders: kleinkind.

Enkel in vormen

VormWoordOpmerking
Zelfstandigde enkelmeervoud: enkels
Bijvoeglijkenkel / enkeleenkele reis, enkele deur
Bijwoordenkelbetekent 'slechts'
Telwoordenkelemeervoud; 'een paar'
Samenstellingenkelspelook enkelband, enkelbreuk

Enkel in de zin

Enkel, dubbel en voet

Het tegenovergestelde van enkel (bijvoeglijk) is dubbel: een enkele deur is niet dubbel. De enkel verbindt de voet met het onderbeen en draagt je hele lichaamsgewicht. Het Duitse *Enkel* betekent kleinkind en heeft dus niets met voetgewrichten te maken. In sporttaal wordt *enkelspel* in het tennis gespeeld, dubbelspel is met vier.

Is enkel hetzelfde als alleen?

Als bijwoord ongeveer wel: ‘enkel jij’ is ‘alleen jij’.

Wat betekent 'enkele reis'?

Een reis zonder terugreis.

Wat is het verschil met één?

Enkel benadrukt dat het er maar één is, en kan ook ‘slechts’ zijn.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 5 letters