Bodem: de grond, de bodem van de zee en het schip

De bodem is de bovenste laag van de aarde, de onderkant van een vat of water, en in oude taal ook een schip.

De bodem is wat onder iets ligt: de grond onder je voeten, het onderste deel van een emmer, de zeebodem. In oud Nederlands is een bodem zelfs een schip, zoals in 'in Nederlandse bodems varen'. Het is een pars pro toto: het onderste deel staat voor het hele schip.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Lidwoordde bodemDe bodem is nat.
MeervoudbodemsDe bodems van de potten.
VerkleinwoordbodempjeEen bodempje wijn.
SamenstellingzeebodemOp de zeebodem.
SamenstellingbodemloosEen bodemloze put.

Zo gebruik je het

Bodem, grond en zand

Grond is breder: het kan land, aarde of reden zijn. Een bodem is specifieker, meestal het onderste of bovenste vlak. *Een goede bodem hebben* kan dus gaan over aarde en over de voorwaarden voor succes. Een zandbodem is geschikt voor duinen, een kleibodem voor akkerbouw.

Wat betekent tot op de bodem?

Helemaal, grondig: je zoekt iets tot op de bodem uit.

Wat betekent in Nederlandse bodems?

Met Nederlandse schepen. Het was een term uit de scheepvaart en handel.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 5 letters