Wis: zeker weten en waarom wiskunde zo heet
Wis betekent zeker of vaststaand ('wis en waarachtig'). Het is ook de stam van wissen, uitgummen. Het woord zit verstopt in wiskunde.
Het woord wis betekent 'zeker' en leeft nog vooral in vaste combinaties. Wiskunde is letterlijk de kennis van wat zeker is: wis is het stukje woord dat 'onomstotelijk' betekent. Je ziet het in het bijvoeglijk naamwoord *wis*, het onbepaalde *onwis* en het werkwoord *wissen*. Wie logica of cijfer hoort, denkt dus indirect aan wat vaststaat.
- Zeker, vaststaand (bijvoeglijk naamwoord). *Een wisse dood.*
- In de uitdrukking 'wis en waarachtig'. *Hij komt wis en waarachtig morgen.*
- Werkwoordsvorm van wissen. *Ik wis het bord.*
Vormen van wis en wissen
| Vorm | Woord | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Bijvoeglijk naamwoord | wis | Een wis resultaat. |
| Verbogen vorm | wisse | De wisse zege. |
| Werkwoord wissen | wis, wiste, gewist | Hij wiste het bord. |
| Samenstelling | wiskunde | Een toets wiskunde. |
| Tegendeel | onwis | Het is onwis. |
Wis in zinnen
- Zo wis als een paal.Spreekwoord; 'wis' is hier 'onbetwijfelbaar'.
- Hij beloofde wis en waarachtig te komen.Plechtige of ironische versterking; vooral geschreven taal.
- Ik wis de tekst van het bord.Het werkwoord wissen, niet het bijvoeglijk naamwoord.
Wiskunde: kennis van het zekere
De naam wiskunde is een Nederlandse vondst uit de zestiende of zeventiende eeuw: Simon Stevin sprak van *wisconst*, 'de kunst van het zekere'. Het woord is afgeleid van *wis* in de betekenis 'zeker', omdat wiskundige bewijzen geen twijfel laten. In andere talen koos men voor een Griekse term (*mathematica*, 'dat wat geleerd wordt'). Pas op voor verwarring: *wissen* (uitvegen) en *wis* (zeker) delen dezelfde klank maar komen van een andere stam. De verleden tijd van wissen is *wiste*, terwijl *wist* van weten komt.
Waarom heet wiskunde zo?
Omdat wis 'zeker' betekende. Wiskunde was de kunst van het zekere, waarbij je met bewijzen tot een wisse uitkomst komt.
Is 'wis en waarachtig' nog gebruikelijk?
Ja, vooral als nadruk in geschreven of plechtige taal, zoals in 'het is wis en waarachtig waar'.