De vechter: wie vecht, wie niet opgeeft

Een vechter is iemand die vecht, letterlijk met zijn vuisten of figuurlijk door nooit op te geven. Het woord kan bewondering of afkeuring uitdrukken.

Een vechter vecht, in de ring of in het leven. Het woord is tweeslachtig: een ‘vechtersbaas’ is een ruziezoeker, maar een ‘echte vechter’ is een bewonderenswaardige doorzetter. Wat je bedoelt, hangt af van het bijvoeglijk naamwoord.

Vormen

KenmerkVormVoorbeeld
Lidwoordde vechterDe vechter wint.
MeervoudvechtersVechters worden getest.
VrouwelijkvechtsterEen sterke vechtster.
WerkwoordvechtenHij vecht tegen de ziekte.
SamenstellingvechtersbaasEen vechtersbaas zocht ruzie.

Zo gebruik je het in een zin

Vechten en strijden

Het werkwoord vechten komt van een Germaanse stam; het Duitse *fechten* (‘schermen’) is verwant, al heeft het een andere betekenis gekregen. Tussen vechten en strijden is een nuance: vechten is lichamelijker, strijden abstracter, zoals in ‘strijd voor gelijkheid’. Een strijd kan dus zonder één klap uitgevochten worden, terwijl een ruzie ook zonder wapens een vechtpartij kan worden.

Is vechter positief of negatief?

Beide: het hangt af van de context. ‘Een vechter’ over iemand die doorzet is positief.

Wat is een vechtersbaas?

Iemand die graag ruzie of een gevecht zoekt.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 7 letters