Strot: de keel, vooral in stevige uitdrukkingen

De strot is de keel, zowel de uitwendige hals als de gang naar de maag. Het woord klinkt ruw en komt vooral voor in gezegden.

De strot is de keel, maar dan zoals je die zelden netjes noemt. Het woord duikt vooral op waar het ruw of dreigend wordt: iemand vliegt je naar de strot, iemand duwt je iets door de strot. In een nette tekst gebruik je liever *keel*. Het woord ligt dicht bij keel, de neutrale vorm.

Vormen

VormWoordVoorbeeld
Zelfstandig naamwoordde strotzijn strot dichtknijpen
Meervoudstrottenstrotten openhalen
Verkleinwoordhet strotjezelden gebruikt
Verwante vormstrottenhoofdhet strottenhoofd van de mens
Vergelijkbaarkeeleen zere keel

Zo gebruik je het

Strot en keel

Het verschil tussen *strot* en *keel* is vooral een kwestie van toon. Een arts spreekt over *keel*, *slokdarm* of *strottenhoofd*; de *strot* hoort bij een kroegtaal die dreigt of overdrijft. Het woord komt uit het Middelnederlands. Het lidwoord is *de*, en in samenstellingen kom je het vooral tegen als *strottenhoofd*, het orgaan met de stembanden. Een andere lichaamsnaam in de buurt is hals.

Is strot een scheldwoord?

Nee, maar het klinkt ruw. Het gebruik in uitdrukkingen is gangbaar, maar niet beleefd.

Wat is het strottenhoofd?

Het deel van de keel waar de stembanden zitten.

Bronnen

WhatsAppXTelegramFacebook

Meer woorden van 5 letters